JO(sefien) & PIE(ter) op reis, jipla!

S21

Een bezoek aan het deprimerende S21-complex is niet voor mietjes. De kleuterschool werd omgetoverd tot een gevangenis waar een massa mensen onder het Khmer Rouge regime gefolterd werden. Nog geen veertig jaar geleden vonden daar praktijken plaats die in het stenentijdperk thuishoren. Een gids weet tot in de kleinste details te vertellen hoe de meeste mensen in S21 en masse werden opgesloten en stierven aan hongersnood. Degene waar ze mogelijks informatie uit konden halen, kregen een prive-folterbehandeling, tot ze de namen van intellectuelen of opstandelingen tegen het regime vrijgaven, om zo deze samen met hun gezin over te brengen, te folteren en nieuwe namen te krijgen. Het complex was een kleuterschool, en elk klaslokaal ligt er nog bij zoals ze het vonden na de bevrijding. Mensen werden onderste bovengehangen tot ze het bewustzijn verloren, dan ondergedompeld in een stinkend vat, en verder ondervraagt, babies werden tegen een boom geknuppeld zodat de moeder zou bezwijken, soms smeten ze het kind in de lucht en schoten het neer als een kleiduif. Nagels werden uitgetrokken, vrouwenptempels werden uitgeknepen en met slakken bezet, en waren de verdrinkingsvaten,... Alles werd uitgeschilderd door één van de acht overlevenden, een kunstenaar die heel wat gruwel had gezien. De Khmer Rouge wilde een sociaal regime met werkkampen op het platteland. Alle intellectuelen, kunstenaars, monniken,...moesten eraan geloven. 3 miljoen mensen verloren het leven op de killing fields waar ze één voor één met een bamboestok in de nek werden doodgeknuppeld of levend begraven. Een bezoek aan de velden is mogelijk, en kwatongen beweren dat sommige tuktuk-drivers na een bezoek mensen meenemen tegen grof geld om een beest te mogen afknallen, of eens een bazooka af te schieten. Kwestie van je meer te kunnen inleven in de Khmer Rouge. Allemaal heel triestig, zeker als je weet dat de elite van de Khmer Rouge nog altijd niet zijn terechtgesteld. 

Sihanoukville to Phnom Phen, 5h on a mopet, aiai my ass! 

's Morgensvroeg ons stukje paradijs moeten achterlaten omdat we nog zaakjes te regelen hadden in Phnom Pehn. We zitten met een rugzak vol goodies om op te sturen.  Het wordt een lange rit, maar met een muziekje en enkele stops bij een sugar-cane kraam redden we het. Een paar keer in contact gekomen met het recht van de grootste, de auto's halen ongegeneerd in, mobyletten moeten maar in de gracht rijden. Aangekomen in Phnom Pehn gaan we kijken of het postkantoor op de luchthaven ons pak kan opsturen. Jammer, enkel briefformaat. We reppen we ons naar het algemene postkantoor, met de nodige stress, hallelujah, het blijkt open te zijn, ook op zondag! Josies oogjes blinken, 2dagen shoppen!! Opnieuw gaan we naar Happy Guesthouse waar onze grote baggage gestockeerd staat. We nemen de laatste vrije kamer, maar in superslechte staat, één mini-raam en een ventilator, verschrikkelijk warm! We gaan een helse nacht tegemoet, met verliefde en zatte buren als kado erbovenop. We staan vroeg op om een heleboel missions af te handelen. Op het programma staan: shop-'pingping', het Sluang Treng Genocide museum bezoeken, postpakket versturen, brommer terugbrengen,... Op de moto rijden als buitenlander in Phnom Pehn is als een computerspel 'flikken ontwijken.' Elke agent lijkt en is waarschijnlijk een potentiële rip-off van tourists. We halen onze beste trucjes boven om er zo onopvallend mogelijk bij te rijden, slaan een straat in als er ergens meerdere agenten bij elkaar staan, verstoppen ons bij rood licht achter een grote pick-up... The Russian market is the place-to-be om goedkope goodies te vinden, allemaal namaak voor een zacht prijsje. Je kan er een Rolex kopen voor 15dollar, RayBan-brillen voor 2dollar, een maatpak laten maken voor een prikje... Hadden we maar meer tijd. De tijd vliegt en we moeten ons opsplitsen willen we onze missies volbrengen. Josie gaat voor een tweede ronde Russian market, Pieter voor het deprimerende S21-complex.  We geven ons postpakket nog een goodluck-kus, schijnt dat maar 50% van de pakketten op bestemming toekomen.  Terug in guesthouse treffen we hetzelfde sfeertje, de televisie speelt, er heerst een drukte van jewelste, weg en weer geloop, en het kost moeite om iets gedaan te krijgen. We eisen een andere kamer, en krijgen die met zeker 300 muggen, een kapotte wc met kadootje van de vorige vuilaards, drankflessen met sigarette-peuken, maar wel een airco waat je normaal gezien extra voor betaald. We geven het kuisvrouwtje een ferme tip en ze transformeert onze kamer terug naar iets leefbaars. Ondertussen kennen we de airco's al en weten we er zonder de afstandsbediening leven in te krijgen.  We eindigen onze drukke dag met een wandeling langs the Royal Palace, en eten in een Chinees seafood restaurant. De vissen zitten in enorme aquariums, te wachten om gewogen, gebakken en opgediend te worden. We wagen ons aan wat scampi's, maar het is op zijn Chinees, er mag niets verloren gaan. Ze zuigen op alles wat op ogen, poten of botten lijkt. De dag erop zouden we vechten voor het toilet...

Otresbeach, romantic beach

We worden wakker met de zon die ongenadelijk toeslaat en het leven rond ons in gang zet. Geen ontkomen aan, we moeten al eens goed nadenken wanneer we laatst lang konden uitslapen. Met een slaapkop een paar meter strompelen en rechtstreeks de zee binnen. Het water heeft een zalig aangenaam temperatuurtje en zal ons vandaag meer dan eens afkoelen. We fabriceren ons eigen ontbijt met superveel fruit en lekkere muesli. Een dagje op het strand zal deugd doen, of beter een dagje op zee want die kayaks lonken naar ons!! Koh Otres is de bestemming, een verloren eiland mooi om te snorkelen een halfuur tegen de stroming in. We zijn wat verwend geweest in Dahab, Egypte, want echt onder de indruk van het onderwaterleven zijn we niet. Een lichtpunt zijn de wuivende Vietnamese vissers, die hun werkdag eindigen. We varen ze tegemoet en gaan in gesprek met heel veel universele gebaren. Ze vissen naar cocquilles, op twintig meter diepte, old school, met een persluchtbuis in de mond en iemand die hen met een zwendel van lucht voorziet. Ziet er eerlijk gezegd primitief uit, zeker in combinatie met hun isomoblokken-reddingsbootje. We doen aan ruilhandel, wat mooie schelpen tegen een halve watermeloen, nice deal. Op de terugweg zijn we een gemakkelijke prooi voor de zon. Verstekeling zijn zonder water, met alleen het zeewater rondom moet verschrikkelijk zijn. Terug op de beach gaan we quiche met een fris slaatje eten in Shanti Shanti. Er heerst er een heel laid-back sfeertje met rode ogen, mensen die wegdommelen in hun hangmat en de ene dag in de andere doen gelijken. We vernemen dat de uitbaters tijdens het regenseizoen uitwijken, al een paar keer gehoord deze vakantie.  De zonsondergang zet zich in en na wat lezen, rollne we uit onze hangmat terug de zee in. We maken gebruik van de roodgekleurde hemel en crossen we met de scooter over het strand richting centrum. Wat opgefokte honden ontwijken en eten in Happa, een lekker Japans restaurant. Bij onze thuiskomst worden we verwelkomt door onze buren, twee zatte Noren, die elk een fles whisky binnenhadden. Maar de Vikings laten zich niet kennen, en gaan nog op pad met hun scooter om de bloemetjes buiten te zetten, oeioei... We zijn gaan slapen met de Noren en zijn ermee opgestaan. Wij lekker fris na een ochtendduik, zij met pijnlijke wonden na een valpartij met hun scooter en een harde kater. De knallende zon zal het hen die dag niet makkelijk maken!!

Sihanoukville

 We vertrekken vanuit onze bamboo-hut in Kep, op zoek naar ontbijt. Lokaal ontbijt zoeken is steeds een onderneming, want de vele ondefinieerbare stoofpotjes doen onze honger soms verdwijnen. Hier en daar hebben we prijs, en kunnen we noodles met groentjes eten, maar je moet goed zoeken! Onze gezondheid is nog altijd in orde, op wat energie-dipjes na. Josie vreest nu toch voor een aankomende blaasontsteking. Drinken, drinken, drinken, de ene fles na de andere. Het wordt er niet makkelijker op met drie uur scooterplezier voor de boeg. Maar niet voor we nog wat van die rijpe mango's, wat noodles en kampot peper voor den Ollie scoren op Kampot market.  Het wordt een lange rit, in de vlakke zon, met een verbrande kop en duidelijke aftekening van onze zonnebril als resultaat. Na wat omwegen, en vele pisstops komen we uiteindelijk toe in Sihanoukville, de enige badplaats in Cambodia met mooie witte stranden. De plek bij uitstek om ofwel zwaar in het feestgedruis op te gaan, ma-tu-vue te spelen met cruise-schepen, of in alle rust op een afgelegen strand te vertoeven. Wij kozen na enig beraad voor het laatste ;) We komen in een familie-resort terecht met zes bungalows pal op het strand. De vier zijkanten kunnen omhoog gerold worden, afhankelijk van welk zicht je wil. Wij kozen voor het zicht met de repetitieve, rustgevende golven, zalig om mee te slapen.  De tocht van en naar onze hut is in het donker wel een missie op zich. We kunnen rekenen op het maanlicht, en ons koplampje, maar hier en daar zijn er toch verborgen putten.  In zo'n twintig minuten staan we in het centrum en gaan we nog naar de markt, scheel van de honger eten we in het hippe Monkey Republic. Dit succesverhaal begon met vier vrienden uit Wales die in de begin jaren van het Cambodiaanse toerisme met een kleine guesthouse begonnen en nu een trekpleister is voor wie houdt van zon, zee en een gezapige café-sfeer met gebruind schoon volk. De keren dat we hier waren, zat het steeds stampend vol. Nog even en we vallen na onze nachtelijke terugrit met het geluid van de golven in slaap.

Kep

Voor het ontbijt worden we aangetrokken door het winkeltje dat brownies, zelfgebakken brood en pumpkin-pannekoeken verkoopt. De eigenares spreekt goed Engels en legt ons uit waarom we voortdurend zwaluwgeluiden door een box horen. De overheid trekt hiermee zwaluwen aan in een verlaten gebouw, en ze zijn uit op het speeksel dat ze gebruiken om hun nesten te maken. Voor rijke chinezen is dit een lekkernij. Het non-stop gekwetter uit de box begint om vijf uur 's morgens en eindigt na zonsondergang, gezellig! De vrouw vertelt ons ook dat ze een kindje, 'charlie brown', heeft geadopteerd uit het weeshuis waar ze zelf is opgegroeid. Het kind werd achtergelaten in het ziekenhuis door de mama. She worked in bars... Ze denken dat het een Indish kindje is, daarom de bijnaam! We eten fried egg met zelfgebakken brood en wat cinnamon pannekoeken, lekkers...  Gewapend met nog wat overheerlijke mango's en wafels gaan we richting de zee. We hervullen nog onze flessen en hopen zo onze voetafdruk wat te kunnen verkleinen. Nog geen twintig minuutjes op de brommer en plots zien we in onze ooghoek terug de zee. We voelen toch een grote aantrekkingskracht en zijn blij dat we ervoor gekozen hebben de laatste etappe van ons reis in Cambodja,op een eiland door te brengen. Met een mobylette kan je snel alles verkennen, we komen binnen de kortste keren te weten dat je naar Rabbit Island kan, er zoutvlaktes en peperplantages zijn en dat Angkul beach de moeite waard is. Botanica wordt uitgebaat door een Belg uit Dendermonde. Hij vertelt ons uit dat hij op reis was vertrokken voor twee maand en uiteindelijk al vier jaar een zaak heeft in Cambodja. Eerst in Shinaoukville, en nu in Kep. Botanica is net verkocht, en hij gaat nu een cafe-restaurant openen, en zich bezig houden met promotieboekjes over Zuid-Cambodja. Hij raadt ons Tree-Top guesthouse aan, waar we een verzorgde kamer nemen, naast een mooie boomhut. Alle hutten zijn verschillend en we doen heel wat leuke ideetjes op! Wat lezen in het zonnetje en mango's eten naast een reusachtige mangoboom, kan het nog beter? We hebben de zon zien zakken in de zee, olé...en gaan gamba's in looksaus eten, geserveerd met patates sautée.  De volgende dag staat Angkul Beach op het programma. Rabbit Island is naar t schijnt een aanrader, maar we zitten met een druk schema en moeten kiezen. We passeren de zoutvlaktes, waar ze het zeewater laten verdampen, om zo grof zeezout te krijgen. Via kleine baantjes rijden we richting het strand, en drinken een zakje litchee-sap aan een rijdend kraam. Voor de derde keer komen we dezelfde vrouw tegen die ons vertelt dat ze voorleest voor kinderen uit de buurt, in een zwitsers gesubsideerd schooltje. Angkul beach ligt er verlaten bij en we nestelen ons in twee hangmatten, onder een paar palmbomen. We krijgen een coconut aangeboden en lezen ons boek uit, we kunnen op zoek naar deel drie... 's Avonds eten we krab en zingen nog een liedje op de voicemail van mama Monique, die vandaag haar 60ste verjaardag viert, hoera!! Mooie dag om te verjaren, met volle maan en een schitterende zonsondergang...

Kampot 2

Kampot is een grote stad in wording. Je voelt het potentieel hangen. We zoeken de overdekte markt op, en zouden er een voormiddag spenderen. Bij het binnenkomen word je overweldigd door allerlei geuren, een allegaartje van vis, vlees,  fruit, groenten, eendesoep... Je moet opletten dat je nergens je voet in een vuil poeltje zet, en krijgt van overal duwtjes als je in de weg staat. Er zou een logica in moeten zitten, maar wij zien die nog niet. Kleren, potten, specerijen, groenten, kippen, vlees en zilver wordt door elkaar verkocht. We kopen onze eerste rijpe mango's en gaan eten aan een kraampje te midden het gedruis. Voor ons is het al een hele belevenis, maar voor de marktdames nog meer. Ze bestuderen ons van kop tot teen, lachen met hoe we onze eetstokjes vasthouden, en duidelijk ook met ons voorkomen. We zijn er ondertussen al aan gewend en eten verder ons lekker noodle-ontbijt met verse munt, sojascheuten, geroosterde peanuts, coconut-milk en zoetzure saus. We stoppen voor wat coconut-wafels in ons bekkie. Kampot staat ook bekend voor zijn peper, in Parijs wordt niet meer zonder gekookt. We kopen een halve kilo bij de lokale boertjes. Verder zijn we verknocht aan de vers geperste sugarcane en gaan op pad met een tros mini-bananas. We gaan hier nog komen!! De zee zou niet zover mogen liggen en rijden ze een stukje tegemoet. Beide verknocht aan Stieg Larsson zetten we ons onder wat palmbomen te lezen, gezellig, tot een bende kinderen ons heeft gezien. Van lezen komt niets meer in huis, maar ze leren ons wel op blote voeten een palmboom te beklimmen, kokosnoot plukken en gat inkloppen voor het sap. Een toertje op longtailboot naar de overkant van de rivier, terug met drietal kinderen die niet van ons weg te slaan zijn. We doen nog een heftig partijtje voetbal, waarbij pas na tien minuten duidelijk is wie bij wie speelt. Kampot staat ook bekend voor zijn adembenemende zonsondergangen, we mogen al beginnen streepjes zetten! Bij het eten spelen we nog een spelletje en Josefien gaat met de overwinning naar huis!

Kampot

's Morgens vroeg de grote rugzakken achtergelaten in onze guesthouse. We vertrekken met een minimum aan gerief richting het zuiden, om een 'loop' te doen Shinaoukville-Kampot-Kep. De plannen worden al snel overboord gegooid, want na vele missers zitten we op de baan richting Kampot. Het begint ons op te vallen hoe verlaten de tankstations telkens zijn en hoe iedereen tankt aan standjes met groene flessen Pepsi. Toch ook eens proberen en voor een zacht prijsje is onze tank weer vol. Goed om weten! Na vijf uur op een scooter zonder vering, komen we toe in Kampot, een charmante stad langs een rivier. We drinken iets op een pantonneke van de Natural Bungalow, en eindigen na heel wat ommetoeren in de Cozy Elephant-guesthouse voor 4 dollar. Heel wat goedkoper dan de Villa Vedici, waar we informeerden voor kite-surf materiaal. We gaan nog iets eten in de Wunderbar, en Josefien krijgt een lesje in Kolonisten van Catan!

Phnom Phen

Terug een busrit op het programma. Vol verwachting wachten we 's morgens op onze ophaal-tuktuk, inbegrepen in ons busticket, maar deze komt maar niet af. Ja, dames en heren, we zijn in de zak gezet. Op onze guesthouse moeten we ook niet rekenen, die zijn pissed omdat we niet bij hen geboekt hebben. We willen het nummer bellen van de busservice, maar ze laten ons maar wachten, wait five more minutes, five more. OK, bij de pinken blijven, zelf een tuktuk versieren en volgas! We komen net op tijd toe en vertrekken richting Phnom Phen, front seat, net achter de chauffeur. Deze keer eten we mee telkens er gestopt wordt, dit maakt de lange ritten net iets draaglijker. We komen in de vroege namiddag toe in de hoofdstad, het is hier lekker druk en gaan op zoek naar een slaapplaats. Onder baan komen we Lucky Lucky tegen, waar we een zwarte Honda Wave op de kop tikken. Mooi zicht, met onze twee backpacks en twee kleine rugzakken op een veel te kleine mobylette, tussen al het verkeer door. Onze eerste guesthouse blijkt maar niets,  Chinezen die uit alles munt willen slaan. We gaan verder op zoek, richting Baen Kak, een meer in het midden van de stad. Terug gepakt en gezakt, wachten we netjes aan het rood licht, en vertrekken als eerste uit een tiental mobyletten, recht in de handen van politie die ons al 'int snotje' hadden. Hmmm, ze spreken geen Engels en we besluiten ons internationaal rijbewijs te tonen. Ze doen teken dat alles in orde is, we blijven vriendelijk en hij begint tekens te doen waar we niets van kunnen maken. Er komt al wat volk bijstaan, en een klein jongetje vertelt ons dat de agent een Cola wilt. Een cola? Ja, een cola! OK, vreemd, Josefien, ga jij om een cola? Nee nee, niet nodig, geef gewoon wat geld, we zullen wij er wel omgaan. We geven een dollar, maar zijn politievrienden hebben blijkbaar ook wat dorst, ze zijn met drie. We lachen het weg en gebaren ons van den dommen, santé santé, en we zijn er vandoor. Achteraf horen we dat drie dollar het minimum is om de politie om te kopen, dus we zijn er nog goed vanaf gekomen. Toegekomen in Happy Number Nine Guesthouse, zien we hoe dit een veredelde slum is van Phnom Phen. Je kan hier gemakkelijk een voedselvergiftiging opdoen, betalen voor wat gezelschap en platgereden kakkerlakken tellen op straat. Overal staat de muziek veel te hard, speelt de televisie en wordt er lustig gebabbeld. We snappen nog altijd de charme niet van deze plek, maar heel wat backpackers trekken hierheen voor een goedkope slaapplaats. We lopen opnieuw Hans en de andere Belgen tegen het lijf. Ze zien er wat belabberd uit na een nachtje stappen en kruipen binnen het uur de nachtbus op richting Bangkok. We drinken een gin-tonic mee, die ons binnen de kortste keren een kater geeft, goeie alcohol is hier moeilijk te vinden. De vrolijke bende laat telkens een zweem van Fear and Loathing in Las Vegas achter. Hun kamers zien er afgeleefd uit, de rekeningen kloppen niet, kortom altijd een streepje drama, met een hoog entertainmentgehalte. We nemen voor de zoveelste keer afscheid, en kruipen nog eens op onze scooter voor een nachtelijke verkenningstoer door Phnom Phen, met een dollar omkoopgeld in de rechter-achterzak.